Op Curaçao ontbreekt het voor veel mensen aan voldoende prikkels om te werken.
Tot deze conclusie komt de Dienst Werk en Inkomen (DWI) in een presentatie. De overheidsdienst baseert zich op de vergelijking tussen het minimumloon en het bedrag aan onderstanduitkering met aanvullende subsidies zoals die door DWI worden verstrekt.
De subsidies worden gegeven voor kosten voor utiliteiten, kleding, afvalstoffenbelasting, verzorging van dieren en dieet. Inclusief een PP-kaart (ziektekosten) is dit 1.066,33 gulden per maand voor een 21-jarige moeder met twee kinderen. Als dit bedrag wordt vergeleken met het minimumloon voor een 40-urige werkweek van 1.264,36 gulden, is het verschil slechts 197,83 gulden. Dit doet overigens niets af aan het feit dat de onderstand en ook het minimumloon volgens gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) onder de armoedegrens van 1.672 gulden liggen.










