De Eerste Kamer streeft ernaar de consensusrijkswetten die betrekking hebben op de staatkundige hervorming van de Antillen in de plenaire vergadering van 6 juli af te handelen.
Die bereidheid heeft de senaatscommissie voor Antilliaanse en Arubaanse Zaken gistermiddag uitgesproken. Zij geeft daarmee gehoor aan de oproep het hervormingsproces zo vlot mogelijk te laten verlopen.
De datum van 6 juli is wel nadrukkelijk onder voorbehoud, ervan uitgaande dat slechts één schriftelijke behandelingsronde nodig is. De fracties in de Eerste Kamer hebben tot 8 juni de tijd om schriftelijk te reageren op de rijkswetten waaronder die voor de wijziging van het Statuut.
Als minister Ernst Hirsch Ballin (Justitie) en staatssecretaris Ank Bijleveld (Koninkrijksrelaties) de vragen naar tevredenheid - eveneens schriftelijk - beantwoorden, kan de mondelinge afronding op 6 juli plaatsvinden.
De Senaat heeft niet het recht van amendement: Wetsvoorstellen kunnen worden aangenomen of teruggestuurd naar de Tweede Kamer. Gezien de politieke verhoudingen in de Eerste Kamer is geen vertraging te verwachten.
Nadat de Senaat de rijkswetten heeft goedgekeurd, moeten de Staten van de Antillen en Aruba nog via een Landsverordening instemmen met de wijziging van het Statuut. Gebeurt dat met tweederde meerderheid dan is één ronde voldoende. Is er sprake van een gewone meerderheid, dan moet er binnen een maand een tweede stemming volgen.
Gezien de tijdsdruk richting 10 oktober is gisteren in het bestuurlijk overleg dat in Nederland plaatsvond besloten de procedure met betrekking tot de Landsverordening alvast in voorbereiding te nemen zodat deze zo kort mogelijk na 6 juli aan de Staten kan worden aangeboden.
Tenslotte zal de Tweede Kamer - kort voor de Slot Rondetafelconferentie van 9 september - nog het laatste woord krijgen over het daadwerkelijk van kracht worden van de rijkswet voor de wijziging van het Statuut.










