Monday, 07 June 2010 23:21
Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Dat geldt ook voor de keuze - het politieke besluit - in 2006 voor één monetaire eenheid, één Centrale Bank en nieuwe eigen munt voor de nieuwe Landen Curaçao en Sint Maarten. Er is tussen 2006 en anno 2010 namelijk wel wat veranderd. Er is, zoals dat tegenwoordig heet, voortschrijdend inzicht. Een dwaas die daar geen gebruik van maakt. Vier maanden voor 10-10-10 is erg kort voor grote veranderingen, maar nooit te laat om bij zulke cruciale vraagstukken nog eens na te gaan of de eerder genomen beslissing wel zo verstandig is. Over de nieuwe gemeenschappelijke munt van Curaçao en Sint Maarten is trouwens nog bijzonder weinig bekend. Dat houdt vrijwel zeker in dat tot eind van het jaar en wellicht ook begin van 2011 nog gewerkt zal moeten worden met de Nederlands-Antilliaanse gulden. Wat dan aangaat zou er ook nog voldoende tijd zijn voor bijvoorbeeld tóch invoering van de dollar, iets wat volgens het Bestuurscollege van de baan zou zijn. Het dollarisatievoorstel dat de Centrale Bankpresident vorig jaar al deed, is echter in alle opzichten nog beslist het bestuderen waard. Eigenlijk heeft het met de wetenschap van de kredietcrisis en de eurocrisis rond Griekenland juist alleen maar aan waarde gewonnen. Een monetaire eenheid moet namelijk zoveel mogelijk hand in hand gaan met eenheid van begrotings- en economisch beleid. Dat geldt al voor grote landen in bijvoorbeeld de machtige Europese Unie, maar nog meer voor kwetsbare, kleine eilanden in een samenwerkingsverband van slechts beperkte omvang. Curaçao kan dan zelf wel de hand op de knip houden, maar toch het slachtoffer worden van Sint Maarten als deze - zelfs met het College financieel toezicht (Cft) - niet in staat is de begroting in evenwicht te brengen. De gemeenschappelijke munt kan fors onder druk komen te staan, terwijl Curaçao nauwelijks invloed heeft op het overheidsbeleid van Sint Maarten. Gevreesd moet worden dat hierover vroeg of laat ernstige conflicten kunnen ontstaan. Op zich zijn samenwerking en eenheid goede zaken. In dat verband verdient één Centrale Bank van beide eilanden nog steeds steun. Maar dan zou juist de invoering van de dollar als wettig betaalmiddel goed uitpakken; deze zou namelijk nooit onder druk kunnen komen te staan door onverantwoord politiek bestuur van één van deze eilanden. De dollar zou bovendien ook nog eens een stuk goedkoper zijn voor de consument, omdat er geen conversiekosten zijn; al is het maar voor transacties tussen Curaçao en Sint Maarten enerzijds en de BES-eilanden - die de dollar dan al hebben - anderzijds. Eén Centrale Bank: ja. Een (gezamenlijke) eigen munt: nee.